Tomatensoep met steranijs en banaan

DSC_0539

Een soeprecept in de zomer? Gurl, you cray. Excuseer, ik was door alle regen- en hagelbuien al bijna vergeten dat we inmiddels juni waren en niet november. Onlangs hing het gure weer me zo de voeten uit dat enkel een reis naar de Bahama’s of een warme kop soep me kon redden. Verder lezen Tomatensoep met steranijs en banaan

Advertenties

Waarom ik (bijna) elke dag make-up draag

Collega’s sturen al eens onnozelheden en interessantigheden naar elkaar door – maar overwegend professioneligheden, uiteraard! Ahum. Enkele dagen geleden mailde mijn lieve collega Elise een stukje uit Charlie magazine: Waarom ik (bijna) nooit make-up draag. Een grijns verscheen rond mijn gestifte lippen. Nog een tirade over hoe het universum gaat imploderen omdat de boekjes vol gefotoshopte schminkpoppen staat, dacht ik.

Fout gedacht uiteraard, want Elise stuurt nooit saaie dingen door. In het artikel schrijft auteur Jozefien herkenbare dingen: “’s Avonds (…) kan ik lekker lui mijn bed in knallen zonder eerst alle troep van mijn gezicht te moeten wassen.” Inderdaad erg vervelend – zeker als je na een lange dag liefst met je kleren en schoenen nog aan face-first in je nest zou willen donderen. “Als ik geen make-up op doe, denkt iedereen dat ik ziek ben.” Dat heb ik zelf ook al vaak gezegd. Maar mensen die zo’n dingen zeggen mag je gerust lelijke dingen toewensen. Niet à la “ik hoop dat je overreden wordt door een grasmaaier” maar eerder à la “ik hoop dat er een dikke duif op je hoofd kakt”. Of twee dikke duiven.

Na het lezen voel ik me berispt, maar ook een stuk wijzer. Misschien heb ik géén foundation, concealer, poeder, bronzer, blush, oogschaduw, eyeliner, mascara en lippenstift nodig. Misschien moet ik in een boshut gaan wonen en mijn leven wijden aan kaas maken en patatten planten. Back to basics!

De volgende ochtend kruip ik met m’n uit-z’n-voegen-barstende schminkzak voor de spiegel. Zou ik of zou ik niet? Ik zie er een beetje verlept uit. En ik heb toevallig een puist op mijn kin. Miljaar. Aarzelend scroll ik nog eens door het artikel en ik zie dat er inmiddels al heel wat reacties geplaatst zijn van gelijkgestemde zielen: “Puur natuur boven!” Ook een paar apologetische: “Ik draag maar een béétje eyeliner!” “Ik draag alleen sòms een beetje BB crème.” And then it hit me. Hé, het is niet omdat Jozefien deelt waarom ze geen make-up draagt, dat iedereen die kiest voor een leven mét plamuursel zich schuldig moet voelen. Dat heeft ze ook nooit zo bedoeld. Hieronder een antwoord op enkele van Jozefien’s argumenten, speciaal voor mijn mede-schminkdozen: “Waarom ik (bijna) elke dag make-up draag.”

Ze wint tijd – (ik niet)

Jazeker, het plamuren van het smoelwerk kan lang duren. Je zou net zoals Jozefien een kwartier langer in je bed kunnen blijven liggen, of rustig van een theetje sippen, of tijd doorbrengen met de kindjes. Zo zouden we allerlei elementen uit het doorsnee ochtendritueel kunnen schrappen en ongewassen, ongevoed en in pyjamabroek naar het werk kunnen sloffen. Een beetje een kort-door-de-bocht argument, uiteraard, want je tanden poetsen en kleren aandoen zijn ongetwijfeld essentiëlere ochtendritueelstappen dan je lippen stiften. Ik wil alleen maar illustreren dat iedereen z’n eigen ochtendgewoontes heeft: op ’t gemak ontbijten, lang douchen, in de kleerkast rommelen, een rondje lopen, yogaën, … of snel een kop koffie achteroverslaan, je kop onder de kraan steken en het eerste kledingstuk dat je vindt aantrekken. Dat is òòk okee. Me ’s ochtends een kwartiertje mooi maken vind ik leuk. ’s Avonds is alles er op vijf minuten weer netjes af. Voor mij is het geen tijdsverlies, maar gewoon een tijdsbesteding.

Ze spaart geld uit – (ik niet)

Make-up en schoonheidsproducten kunnen inderdaad véél centjes kosten. In Charlie lees ik dat de make-uplozen dezer wereld zo makkelijk 50 tot 100 euro per maand besparen. Een vals idee, vind ik, want die mensen hebben ongetwijfeld één of andere àndere bezigheid waar ze die zogezegde bespaarde euro’s aan uitgeven. Sporten, bakken, koken, schilderen, een zwak hebben voor schoenen, postzegels verzamelen, boeken lezen, … zowat iedereen geeft geld uit aan dingen die ie leuk of mooi vindt. Bij mij is dat toevallig make-up – en stiekem nog een heleboel andere dingen ook. Muggeziftersgewijs lijkt ’50 à 100 euro per maand’ me ook een nogal royale schatting. Ik weet niet hoe het bij anderen zit, maar ik smeer alvast géén bladgoud op m’n gezicht.

Haar huid voelt lekkerder zonder – (de mijne eigenlijk ook)

Daar ben ik behoorlijk jaloers op – Jozefien’s huid voelt blijkbaar niet alleen goed au naturel, maar op de foto ziet ze er ook flawless en gezond uit. De mijne voelt helaas niet zo geweldig als ik ze haar gang laat gaan. Puistjes, velletjes, vet, droogte – the horror!

Toegegeven, dat laagje foundation doet mijn huid nìet beter aanvoelen – op het einde van de dag heb ik zin om het er allemaal snel af te halen. Maar mijn huid voelt wél veel beter aan met af en toe een scrubje, een maskertje, dagcrème, … al die dingen die ook tijd en geld kosten en volgens sommigen deel uitmaken van een wanhopige poging om er beter, jonger, frisser en mooier uit te zien. Give it a rest. Al dat smeren en inzepen vind ik fijn en mijn huid voelt fris, proper en zacht. Dus hoera voor lotions en tonics!

Ze kan mensen nog verrassen – (ik ook!!!)

Ronduit gek! Natuurlijk kan je mensen ook nog verrassen als je iedere dag make-up draagt. Op sommige dagen zie je er nu eenmaal beter uit dan op andere – er zijn zo van die wallen en pukkels die geen concealer op de wereld verbergen kan. Op sommige dagen waag je je aan een fancy winged eyeliner, op andere dagen geraak je niet verder dan een laagje mascara en wat Labello. Je ziet er dus echt niet elke dag hetzelfde en/of vlekkeloos uit als je make-up draagt – was het maar zo simpel. ;- ) Jozefien vergeet nog de meest straightforward manieren om elke dag anders te zijn: kleren, kapsels, juwelen, schoenen, nieuwe bril, nieuw parfum? Jaha!

En oh, natuurlijk zijn er honderden andere en belangrijkere manieren om mensen te verrassen. Lief, grappig of behulpzaam zijn. Zomaar taart meebrengen. Scheldtirades, (al dan niet Franse) colères en luidruchtige huilbuien in ’t openbaar zullen ongetwijfeld ook een verrassingseffect teweegbrengen. Maar euhm, nouja…

Ze ziet er niet raar uit – (ik ook niet!!!)

Ironisch om zo’n uitspraak te lezen in een artikel waar make-up dragen geassocieerd wordt met onzekerheid. Jozefien ziet er helemaal niet zo raar uit met wat lipstick en rouge. Ik vind het zelfs heel schattig!

Achter de uitspraak ‘als ik make-up draag zie ik er uit als een travestiet’ schuilt evenveel onzekerheid als achter ‘als ik géén make-up draag zie ik er uit als een moeë, zieke zombie’. Het is okee als je je beter voelt met een onopgemaakt gezicht. Het is ook okee als je je zelfzekerder voelt met wat make-up. Net zoals Alicia Keys droomt om bare-faced door het leven te kunnen gaan, zijn er ook heel wat vrouwen die wensten dat ze zich mooi konden opmaken. Mevrouw Keys, als je graag make-uploos buiten wil komen, dòe dat dan! Foert! Schmink-onkundigen, als je graag meer wil leren over make-up, experimenteer dan, kijk dan naar één van de duizenden YouTube tutorials of vraag aan een vriend(in) die het goed kan om je een paar dingetjes te leren.

Driewerf hoera voor iedereen die graag puur natuur door het leven flaneert én voor iedereen die graag geplamuurd rondparadeert!

/Chiara

 

 

Koffiescrub met kardemom en kaneel

Koffie, het goudbruine brouwsel dat menig werkmensch iedere ochtend van total zombified catastrophy naar somewhat acceptable helpt te evolueren. Sommigen nemen genoegen met aangelengde kantinekoffie, voor anderen moet het dan weer een met de hand opgeschuimde latte macchiatocappuccinoespresso zijn, liefst geserveerd in een met bladgoud bezette mok. Of je nu Senseo-aficionado of Nespressoconoisseur bent, één ding hebben alle koffiedrinkers gemeen: ze gooien elke dag zomaar koffiegruis in de vuilnisbak. Jammer, want koffiegruis is erg nuttig! Je kan het gruis in je planten strooien of er leidingen mee ontstoppen. Of je kan een potje gruis in de koelkast zetten zodat je er niet bij elke frigo-opening aan herinnerd moet worden dat je nog een stuk schimmelkaas en een pot vissla in de koelkast hebt staan. Ieuw.

Wie niet zo in contact staat met z’n inner kuisvrouw, vindt volgende optie vast leuker: met koffiegruis kan je een zeer effectieve en eco-friendly lichaamsscrub maken! Zelf vind ik de koffiescrub met kardemom en kaneel heel goed qua consistentie: nét scrubby genoeg, niet te ruw en niet te flauw. En hij ruikt ook nog eens heel lekker!

DSC_0442

Nodig voor één scrubbeurt

  • 4 eetlepels koffiegruis
  • 1 eetlepel ruwe suiker
  • 1 eetlepel gesmolten kokosolie
    (andere plantaardige olie lukt ook prima)
  • 1 koffielepel kardemom
  • 1 koffielepel kaneel

Hoe?

  • Doe alle ingrediënten in een kommetje en meng alles door elkaar.
  • Gebruik de scrub met een droog washandje (of gewoon met je handen) op een droge huid. Dit doe je best al staand in de douche, vòòr je begint te douchen. Als je echter iemand bent die er graag een gigantische smeerboel van maakt, kan je het ook buiten de douche proberen. Haal uw dweil maar al boven.
  • Spoel alles af en wees fier op je pasgescrubdheid!
  • Door de kokosolie in de scrub hoef je je huid in principe niet meer in te smeren. Uitzondering: zonnecrème als je je huid gaat blootstellen aan UV-licht!

Scrubtips

  • Gebruik deze scrub niet op je gezicht, daar is hij iets te ruw voor.
  • Scrub maximaal 1 à 2 keer per week.
  • Scrub altijd zachtjes en in cirkelvormige bewegingen.
  • Scrub in de zomer bij voorkeur één dag voordat je in de zon wil gaan zitten. Zo scrub je de oude, dode huidcellen voorzichtig weg en krijgen de nieuwe huidcellen een kleurtje nadat je in de zon geweest bent. Door op voorhand te scrubben, blijf je dus iets langer bruin. Dat je wel flink zonnecrème moet smeren, spreekt voor zich!
  • Scrub voordat je gaat scheren, en zeker nìet vlak erna. Auw.
  • Besef dat scrub eigenlijk een vreemd woord is, nu je het zo vaak na mekaar leest. Toch?! Scrubscrubscrub. Scruuub.

DSC_0422

Proficiat alvast, met uw babyvelleke!

/Chiara

How to survive Den Blok

’t Is van da… twee- tot driemaal per jaar wordt iedere student er door getergd: DEN BLOK. Met Kerstmis, in juni en met een beetje mal chance ook nog eens in augustus… alle blokmomenten zijn op strategische momenten in het jaar geplaatst, opdat je je zo miserabel mogelijk zou kunnen voelen. December: de rest van de wereld boeft kerstkroketten en bezuipt zich op één of andere nieuwjaarsfuif. Maar jij niet! Mei: iedereen zit rosé te slurpen op communiefeesten en dartelt door de bloemekes in de eerste lentezon. Jij niet. Augustus: Iedereen is op vakantie, staat te dansen op een festival, ligt te bakken in de tuin of stààt te bakken achter de barbecue. Maar jij niet. Jij moet blokken.

Persoonlijk vind ik Den Blok eigenlijk niet zò erg, omwille van verschillende redenen:

  • Je hoeft in principe niet buiten te komen. Met andere woorden: sweatpants, t-shirts met gaten in (of gewoon: een pyjama), vettig haar en een zure lijfgeur zegevieren!
  • Je hoeft geen vervelende taken te voltooien: Nee, pa, ik kan nu echt geen patatten schellen. Nee, ma, ik kan nu echt mijn kamer niet uitmesten. Nee, kotgenoten, die afwas zal moeten blijven staan tot er haar op groeit. ’t Is dus wel blok, hé!
  • Hetzelfde geldt voor saaie familiebezoekjes: toch spijtig dat tante Georgette net nù verjaart. Ik kan helaas geen stuk verlepte supermarkttaart gaan eten, ik moet er immers nog 70 pagina’s doorkrijgen vandaag. Jammer!
  • Uitkijken naar het licht aan het einde van de tunnel is fijn: na Den Blok is het wel degelijk vakantie – en als je flink je best doet kan die vakantie heel lang duren!

Waarschijnlijk gaat het merendeel van de studenten niet akkoord met bovenstaande argumenten. Voor alle arme lotgenoten: hieronder een aantal gouden tips om het blokleven net iets draaglijker te maken.

(Heb jij besloten om het blokgebeuren dit jaar eens over te slaan? Of ben je al een naarstige werkmensch? Of wil je al een zomervoorsmaakje? Check dan zeker ook How to survive Werchter!)

IMG_0975

Tip 1: Begin op tijd, stop op tijd

“Begin maar vroeg genoeg te studeren, anders gaat ge er in januari/juni niet geraken.” Een belerende uitspraak die ons in onze eerste bachelor veel angst inboezemde.
Dat vroeg beginnen studeren is mij nooit gelukt – de paasvakantie, bijvoorbeeld, dient nog steeds om taken te schrijven en boeken te lezen, of om te schitteren in één van mijn sterktes: uitstelgedrag! Hoe moeilijk het ook is om toe te geven, vroeg beginnen is echt een topidee. Bij een goede voorbereiding hoeft er nog niet per sé geblokt te worden, maar bijvoorbeeld wel: nota’s bijhouden, boeken lezen, teksten doornemen, al je fluostiften en gekleurde pennetjes leegkleuren, post-itjes plakken op alles wat je tegenkomt, … Vooral het gebruik van kleurtjes en plakpapiertjes kan je – met minimale moeite – in een mentale staat van rust laten belanden.

Ook op tijd stoppen is belangrijk. Te lang achter de boeken doorbrengen is niet zo goed. Vaak zorgt het alleen maar voor stress, koppijn, oogwallen en vermoeidheid. Kruip dus op tijd in je bed of stop ’s avonds vroeg genoeg om iets leuks te gaan doen, ookal heb je niet alles kunnen doen wat je die dag gepland had. Laat het allemaal bezinken en begin de dag nadien met een fris hoofd (of met een vettig hoofd, gezien het in de blok toegelaten is om je niet te douchen (echt waar)).

Tip 2: Ontspan

Ikzelf heb steevast één “inzinking” per blokperiode. Een moment waarop ik niets meer zie zitten, ik er van overtuigd ben dat ik ga buizen en het snot en de tranen laten lopen de enige uitweg lijkt. Een duidelijkere schreeuw om ontspanning kan ik mij amper voorstellen. Gooi de boeken opzij, neem een warm bad of ga een rondje lopen! Vaak krijg ik dit soort inzinkingen de avond voor een examen en dan lijkt ontspannen echt de domste optie die er bestaat. Toch doen! Blijven freaken helpt je geen stap verder en zorgt alleen maar voor méér miserie. Wanneer je bij een inzinking niet in staat bent om zelf in te zien dat ontspanning de enige oplossing is, bel dan naar je moeder, beste vriendin of wend je in noodgevallen zelfs tot je kat (of ander huisdier naar keuze). Katten zijn experts in het nietsdoen, van hen kan je veel leren. Ontspannen zult ge!

Tip 3: Zoek je eigen ritme

Klinkt regelrecht uit een meditatieworkshop van Ingeborg Sergeant te komen, maar dit is waarschijnlijk de belangrijkste tip. Toen ik nog een groentje was in de eerste bachelor, zei diezelfde mevrouw die gequote wordt in tip 1: “Jullie moeten minstens acht uur per dag studeren, anders gaan jullie falen.” Dit is natuurlijk totale onzin.

Bij het studeren is het belangrijk dat je een eigen tempo ontwikkelt. Sommige mensen onthouden nu eenmaal sneller dan anderen en zullen die dikke cursus Historische Kritiek (vervang door een duivels vak naar keuze) op 2 (mogelijks lange) dagen verwerkt hebben. Anderen smijten na enkele uren hun fluostiften al tegen de muur en onderdrukken de neiging om hun syllabus in brand te steken. Zij hebben wellicht méér, maar mogelijks kortere dagen nodig om stof te verwerken. Het is dus belangrijk dat je voor jezelf een realistisch schema opstelt waarbij je rekening houdt met je eigen capaciteiten. Spijtig genoeg kom je er enkel al doende achter of je schildpadhersenen of een Einsteinbrein hebt (vallen en opstaan – ofte buizen en tweedezitten).

Ikzelf ben bijvoorbeeld het productiefst in de voormiddag. Daarom zorg ik ervoor dat ik vroeg (lees 7u15) opsta, zodat ik een halfuurtje later al kan beginnen studeren. Verder verdeel ik de dag op in “blokken” (haha, heb je ‘m?) van twee: twee uur blokken – korte pauze – twee uur blokken – middagpauze – twee uur blokken – korte pauze – twee uur blokken. Ik vermijd lange pauzes om toch een zekere focus te behouden. Mijn hersenen zijn meestal niets meer waard rond 17u30 – 18u. Ik weet dat ik dan géén  nieuwe info meer in mijn hoofd kan proppen, want dat zal niet lukken.

Tip 4: Herhaal, herhaal, herhaal

De sleutel tot een goed geheugen – of je nu na het volgen van tip 3 ontdekt hebt dat je over schildpadhersenen òf een Einsteinbrein beschikt. Schildpadden en Einsteinen aller lande kunnen allemaal even goed leren om te onthouden. Elke avond zorg ik ervoor dat ik de leerstof die ik die dag geblokt heb herhaal. In het begin gaat dat niet zo vlot – mijn brein is niet veel meer waard vanaf 17u30, remember? Toch zet ik door, omdat ik wéét dat het dan toch beter opgeslagen is in mijn bovenkamer. Ook trek ik vlak voor het examen 1 à 2 dagen uit om de hele cursus te herhalen. Zonder deze laatste herhaalronde zou ik het examen nooit overleven!

Wat ook kan helpen is de hoofdstukken die je die dag geleerd hebt in bed / in de zetel nog eens herlezen. Zelfs als je het gevoel het dat je ogen wel leven maar je eigenlijk niet aan het opletten bent, is je brein toch bezig met het opnieuw verwerken van de leerstof! It’s true.

Tip 5: Let op je voeding

In heel veel artikels staat te lezen dat je veel noten moet eten, of vis, omdat deze de hersenen en het geheugen stimuleren. Kan allemaal goed zijn, maar de blok is sowieso al een moeilijke periode, so eat that crappy food! Alleen: doe het met mate. Als je net de Gouden saté bezocht hebt of de helft van het pizzabuffet bij Pizza Hut hebt verorberd, zal het niet zo makkelijk zijn om je te concentreren . Je maag zit immers vol, en teveel brol boefen vergroot ook de kans dat je een langere periode in het kleinste kamertje moet doorbrengen… Don’t waste valuable time! 😉 Eet dus gerust een pak dinokoeken als je nood hebt aan snelle suikers, of een hamburger als je zin hebt in iets vettigs. Maar weet dat overdaad schaadt! #bondzondernaam

Tip 6: Negeer blokrapporteringen van je medestudenten

Laat je ten slotte niet van de kaart brengen door je medestudenten. Het is niet omdat Kimberly beweert dat ze al twee hoofdstukken verder zit en dat ze dat deel over retorische stijlfiguren suuupergoed kan, dat ze ook effectief een goed examen zal afleggen. En zelfs al is dat wel het geval… denk aan tip 3 en focus op je eigen tempo, niet op dat van Kimberly. De pot op met Kimberly!
Ook omgekeerd: als de primus van de klas gefaald heeft op een mondeling examen en jij daarna aan de beurt bent, moet je de moed niet in je schoenen laten zakken. Jij doet het vast awesome.

Hopelijk helpt deze post jullie om de blok te overleven!
Succes aan alle lotgenootjes! Yes we can! #obamaweetwaarhijhetoverheeft

/Amber

 

 

 

Wat steekt gij uit met diene komkommer?

Dat is wat ons moeder zou roepen mocht ze mij stukjes komkommer in de pan zien bonjouren. Geen reden tot paniek, moederlief, warme komkommer is keilekker!

Soms sta ik in de groentenafdeling van de supermarkt en denk ik: “toch jammer dat men geen nieuwe groentjes meer uitvindt. Ik heb degene die hier liggen allemaal al 80 keer gegeten…” Dus besloot ik iets geks te doen met groenten die ik al kende. Et voilà, de serie Wat steekt gij uit met die *groente* was geboren. Mijn brein slaagde er helaas niet in om een hippere naam voor dit concept te vinden. Sorry!

Het eerste recept in deze reeks: warme komkommer met halloumi. LEKKER! Verder in deze reeks: zotte toeren met radijzen en rare avonturen met courgetten.

DSC_0212 copy

Warme komkommer met halloumi (bijgerecht)

Voor 2 à 3 personen, afhankelijk van hoe flink ze kunnen boefen:

  • 1 blok halloumi (natuur)
  • 1 komkommer
  • 1 handjevol gesnipperde bieslook
  • 1 handjevol verscheurde muntblaadjes
  • peper
  • zout
  • olijfolie of andere plantaardige olie
  • handjevol gemengde gehakte noten

Hoe?

  • Snij de komkommer overlangs in 4 lange stukken
  • Snij de zaadjes eruit (en eet ze op!)
  • Snij de komkommerkwartjes in stukjes
  • Snij de halloumi in stukjes
  • Verhit olie in een behoorlijk grote pan
  • Bak de komkommer een paar minuten tot hij glazig wordt. Kruid hem met peper en zout.
  • Verhoog het vuur en doe de halloumiblokjes erbij. Bak tot ze een mooi  bruin korstje krijgen.
  • Zet het vuur af!
  • Knip de bieslook, scheur de munt, hak de noten
  • Meng de bieslook, munt en noten onder de komkommer en halloumi
  • Direct opdienen, of de verse kruiden worden prutterig (jakkie)

Wat eet ik er bij?

Dat je geen volledig bord komkommer met kaas achterover wil slaan, kan ik volledig begrijpen. Dit gerecht is dan ook een bijgerechtje!
Lekker bij: quinoa of couscous met mediterraanse groentjes, rucola en tomaatjes.

Aanschouw:

DSC_0222 copy.jpg

Heb jij ook recepten waarin je groenten op een gekke manier klaarmaakt? Deel ze hieronder!

/Chiara

Omeletten en pullovers: Maurice Coffee and Knits

Release your inner granny

De award voor het conceptueel coolste koffiehuis in Vlaanderen gaat voor ons – tot het tegendeel bewezen is – naar Maurice Coffee & Knits. Bij Maurice kan je je inner granny loslaten: koffie drinken, pateekes eten en mutsen breien. Op donderdag vind je in de vestiging in de Boerentoren zelfs échte oma’s die je kunnen helpen met je brei-problemen. Als jouw inner granny niet zo handig is, kan je het breien ook links laten liggen en je focussen op al het lekkers op de menukaart: ontbijt, lunch en gebak. Precies wat Amber en ik deden, dus! We gingen naar Maurice’s recentst geopende filiaal in Berchem om het ontbijt te gaan checken. Verder lezen Omeletten en pullovers: Maurice Coffee and Knits

How to survive Werchter

’t Is van da: het festivalseizoen is begonnen!

Voor sommigen onder ons is dit de mooiste tijd van het jaar, terwijl anderen liever hun zuurverdiende centjes sparen voor twee weken Italiaanse zon. Dit jaar besloten wij om onze jaarlijkse citytrip links te laten liggen en te investeren in een combi-ticket voor Rock Werchter. De meesten onder ons kunnen niet wachten om een danske te placeren op de wei, maar dat geldt niet voor Chiara. Zij is dan ook een zogenaamde “Werchtermaagd” en heeft geen idee waar ze zich aan kan verwachten. Niet alleen is Chiara niet vertrouwd met het concept “rondhangen op een wei”, ook is ze een beetje een germ freak. Dit laatste kan behoorlijk problematisch worden, aangezien de gemiddelde festivalganger het niet zo nauw neemt wat betreft basishygiëne… Voor Chiara en alle andere festivalmaagden daarom een aantal praktische tips, oftewel “How to survive Werchter”*

Horrified Kjario
Ter illustratie: Chiara’s gezicht wanneer zij hoort dat ’s nachts gewekt worden omdat er iemand met zijn zatte botten tegen de tent aan het pissen is, niet ongewoon is.

Tip 1: Wees voorbereid op alle weersomstandigheden!

Deze tip vormt de essentie van een geslaagd festivalweekend! Ook al voorspelt Frank een heel weekend hete temperaturen tot 30°C, neem toch maar een regenjas, trui en waterdichte schoenen mee. Het Belgische weer is namelijk niet te vertrouwen, en er is geen grotere mood-killer dan een hele dag uitgeregend rondlopen op een modderige wei. Ook het omgekeerde geldt natuurlijk: neem zonnecrème mee! Een verbrand gezicht mag dan niet opvallen op een wei vol lotgenoten, wanneer je terug thuis komt wil je er niet uitzien als een Werchterkreeft.

Tip 2: Verdeel de last

Je gaat maar één weekend weg en wilt niet op een pakezel lijken (zeker niet op een overvolle trein in de hitte – als Frank’s voorspellingen uitkomen natuurlijk-). Spreek daarom op voorhand goed af wie wàt meesleept! Je hebt geen 5 bussen deo, 20 pakken zakdoekjes en 12 rollen toiletpapier nodig (tenzij de pitta op de wei slecht bekomen is). Maak lijstjes en ga samen met je festivalvrienden winkelen, zo voorkom je een overload aan Aïkinoodles!

Tip 3: Plan hoeveel je wil uitgeven

We moeten eerlijk zijn, voor de prijs die je tegenwoordig betaalt voor een combi-ticket valt er veel meer te ontdekken dan wat gras in een Vlaams-Brabants dorp. Als je dan weet dat de prijzen op de wei ook niet om te lachen zijn, kun je je maar beter voorbereiden.

Bespreek op voorhand hoeveel extra je wil uitgeven tijdens het festival zelf. Je kan er bijvoorbeeld voor kiezen om te ontbijten en lunchen op de camping en enkel ’s avonds iets te kopen op de wei (lees: een stuk pizza en een pintje voor de weerzinwekkende prijs van 10 euro). Raadpleeg op voorhand de festivalwebsite om zeker te zijn van wat je wel en niet mee mag nemen, zodat je weet welke van je levensnoodzakelijke snacks al dan niet binnengesmokkeld kunnen worden. Op het festival zelf is vaak een winkeltje aanwezig, maar ook daar liggen de prijzen meestal hoger dan gemiddeld. Daarom kan het ook nuttig zijn om eens een kijkje te nemen in de buurt. Meestal zijn er wel buurtbewoners die voor een zeer redelijke prijs een spaghetti of croque aanbieden in hun garage (of in hun obscuur tuinkot), en misschien is er wel een (buurt)winkel om de hoek.

Amber en Lynn
Toch geen geld meer over om eten te kopen? Steel een burrito van een vriend, zoals Amber.

Tip 4: Vuil zijn is oké

Voor germ freaks zoals Chiara is het goed om te weten dat het echt wel oké is om na drie of vier festivaldagen rond te lopen met vettig haar en ruftende oksels. Iedereen doet het, dus niemand zal je raar bekijken als ook jij er niet superfris bijloopt. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat je je helemaal moet laten gaan, basishygiëne blijft belangrijk! Poets dus flink je tanden, haal nachtelijke schminkrestanten van je gezicht en vergeet je deodorant niet! Zeker als je een oogje hebt op die mooie jongen van twee tenten verder kan een beetje properheid geen kwaad!

Tip 5: Geniet

Het is niet altijd vanzelfsprekend om ineens constant samen te zijn met een aantal mensen, ook al zijn ze je beste vriend(inn)en. Zeker niet wanneer het pijpenstelen regelt, of als het vechten is voor een plaatsje in de schaduw. Probeer niet te snel geïrriteerd te raken. Je hebt geen honderden euros betaald om een goeie vriendschap te verpesten. Blijven ademen is dus de boodschap! Als je het geklaag van je bff echt niet meer kan aanhoren, zonder je dan gewoon eventjes af. Ga alleen naar een optreden kijken of spreek af met andere vrienden die ook op de wei rondhangen.

Botjes in de wei

Verder: een aantal meeneemmusts!

Washandjes: Voor velen een lang vergeten stuk textiel, maar handig als je geen uren in de rij wilt staan voor de douche. Het zelfde geldt voor ontschminkingsdoekjes en droogshampoo. In het dagelijks leven enkel gebruikt in noodgevallen, op de camping verheven tot een essentie.

Dopjes: Jep, die dingen waarmee je flesjes dicht draait. Wanneer je op de wei een flesje koopt worden de dopjes steevast verwijderd (logica: het moet snel opgedronken worden – 10 minuten later heb je weer dorst en moet je opnieuw een flesje kopen). Zorg dus voor een uitgebreid gamma aan dopjes (om zeker te zijn dat er één past), zodat je je flesje gewoon weg kan steken, en later opnieuw kan vullen. Geniaal!

Folie: Aluminiumfolie kan handig zijn om eten van de camping naar de wei te vervoeren, of eventueel om eten op de wei zelf in te pakken mocht je het niet in één keer op krijgen – iets wat wij ons weliswaar moeilijk kunnen voorstellen.

Deken/oude sjaal: Na dag 2, wanneer er van gras al lang geen sprake meer is, wil je liever niet gewoon tussen het (onidentificeerbare) vuil gaan zitten. Iets om tussen je poep en de drekkige grond te leggen is mogelijk nodig.

Oude gsm/lader op zonne-energie/ powerbank: Een backup voor een platte gsm is altijd een goed idee, zeker in tijden van Instagramverslaving en Snapchatverhalen.

Wc-papier: Deze essential behoeft geen uitleg. Toch?

Ohja, ben jij ook een festivalnewbie en heb je geen idee hoe een wei er bij ligt/ruikt na een drie dagen gefeest? Denk Overpoort op een vrijdagochtend. ; -) Ben jij echter een ervaren weiganger en heb je nog tips die je met de mensheid wil delen? Laat hieronder een berichtje achter!

/Amber

*Deze tips zijn ook toepasbaar op andere festivals!