How to survive Den Blok

’t Is van da… twee- tot driemaal per jaar wordt iedere student er door getergd: DEN BLOK. Met Kerstmis, in juni en met een beetje mal chance ook nog eens in augustus… alle blokmomenten zijn op strategische momenten in het jaar geplaatst, opdat je je zo miserabel mogelijk zou kunnen voelen. December: de rest van de wereld boeft kerstkroketten en bezuipt zich op één of andere nieuwjaarsfuif. Maar jij niet! Mei: iedereen zit rosé te slurpen op communiefeesten en dartelt door de bloemekes in de eerste lentezon. Jij niet. Augustus: Iedereen is op vakantie, staat te dansen op een festival, ligt te bakken in de tuin of stààt te bakken achter de barbecue. Maar jij niet. Jij moet blokken.

Persoonlijk vind ik Den Blok eigenlijk niet zò erg, omwille van verschillende redenen:

  • Je hoeft in principe niet buiten te komen. Met andere woorden: sweatpants, t-shirts met gaten in (of gewoon: een pyjama), vettig haar en een zure lijfgeur zegevieren!
  • Je hoeft geen vervelende taken te voltooien: Nee, pa, ik kan nu echt geen patatten schellen. Nee, ma, ik kan nu echt mijn kamer niet uitmesten. Nee, kotgenoten, die afwas zal moeten blijven staan tot er haar op groeit. ’t Is dus wel blok, hé!
  • Hetzelfde geldt voor saaie familiebezoekjes: toch spijtig dat tante Georgette net nù verjaart. Ik kan helaas geen stuk verlepte supermarkttaart gaan eten, ik moet er immers nog 70 pagina’s doorkrijgen vandaag. Jammer!
  • Uitkijken naar het licht aan het einde van de tunnel is fijn: na Den Blok is het wel degelijk vakantie – en als je flink je best doet kan die vakantie heel lang duren!

Waarschijnlijk gaat het merendeel van de studenten niet akkoord met bovenstaande argumenten. Voor alle arme lotgenoten: hieronder een aantal gouden tips om het blokleven net iets draaglijker te maken.

(Heb jij besloten om het blokgebeuren dit jaar eens over te slaan? Of ben je al een naarstige werkmensch? Of wil je al een zomervoorsmaakje? Check dan zeker ook How to survive Werchter!)

IMG_0975

Tip 1: Begin op tijd, stop op tijd

“Begin maar vroeg genoeg te studeren, anders gaat ge er in januari/juni niet geraken.” Een belerende uitspraak die ons in onze eerste bachelor veel angst inboezemde.
Dat vroeg beginnen studeren is mij nooit gelukt – de paasvakantie, bijvoorbeeld, dient nog steeds om taken te schrijven en boeken te lezen, of om te schitteren in één van mijn sterktes: uitstelgedrag! Hoe moeilijk het ook is om toe te geven, vroeg beginnen is echt een topidee. Bij een goede voorbereiding hoeft er nog niet per sé geblokt te worden, maar bijvoorbeeld wel: nota’s bijhouden, boeken lezen, teksten doornemen, al je fluostiften en gekleurde pennetjes leegkleuren, post-itjes plakken op alles wat je tegenkomt, … Vooral het gebruik van kleurtjes en plakpapiertjes kan je – met minimale moeite – in een mentale staat van rust laten belanden.

Ook op tijd stoppen is belangrijk. Te lang achter de boeken doorbrengen is niet zo goed. Vaak zorgt het alleen maar voor stress, koppijn, oogwallen en vermoeidheid. Kruip dus op tijd in je bed of stop ’s avonds vroeg genoeg om iets leuks te gaan doen, ookal heb je niet alles kunnen doen wat je die dag gepland had. Laat het allemaal bezinken en begin de dag nadien met een fris hoofd (of met een vettig hoofd, gezien het in de blok toegelaten is om je niet te douchen (echt waar)).

Tip 2: Ontspan

Ikzelf heb steevast één “inzinking” per blokperiode. Een moment waarop ik niets meer zie zitten, ik er van overtuigd ben dat ik ga buizen en het snot en de tranen laten lopen de enige uitweg lijkt. Een duidelijkere schreeuw om ontspanning kan ik mij amper voorstellen. Gooi de boeken opzij, neem een warm bad of ga een rondje lopen! Vaak krijg ik dit soort inzinkingen de avond voor een examen en dan lijkt ontspannen echt de domste optie die er bestaat. Toch doen! Blijven freaken helpt je geen stap verder en zorgt alleen maar voor méér miserie. Wanneer je bij een inzinking niet in staat bent om zelf in te zien dat ontspanning de enige oplossing is, bel dan naar je moeder, beste vriendin of wend je in noodgevallen zelfs tot je kat (of ander huisdier naar keuze). Katten zijn experts in het nietsdoen, van hen kan je veel leren. Ontspannen zult ge!

Tip 3: Zoek je eigen ritme

Klinkt regelrecht uit een meditatieworkshop van Ingeborg Sergeant te komen, maar dit is waarschijnlijk de belangrijkste tip. Toen ik nog een groentje was in de eerste bachelor, zei diezelfde mevrouw die gequote wordt in tip 1: “Jullie moeten minstens acht uur per dag studeren, anders gaan jullie falen.” Dit is natuurlijk totale onzin.

Bij het studeren is het belangrijk dat je een eigen tempo ontwikkelt. Sommige mensen onthouden nu eenmaal sneller dan anderen en zullen die dikke cursus Historische Kritiek (vervang door een duivels vak naar keuze) op 2 (mogelijks lange) dagen verwerkt hebben. Anderen smijten na enkele uren hun fluostiften al tegen de muur en onderdrukken de neiging om hun syllabus in brand te steken. Zij hebben wellicht méér, maar mogelijks kortere dagen nodig om stof te verwerken. Het is dus belangrijk dat je voor jezelf een realistisch schema opstelt waarbij je rekening houdt met je eigen capaciteiten. Spijtig genoeg kom je er enkel al doende achter of je schildpadhersenen of een Einsteinbrein hebt (vallen en opstaan – ofte buizen en tweedezitten).

Ikzelf ben bijvoorbeeld het productiefst in de voormiddag. Daarom zorg ik ervoor dat ik vroeg (lees 7u15) opsta, zodat ik een halfuurtje later al kan beginnen studeren. Verder verdeel ik de dag op in “blokken” (haha, heb je ‘m?) van twee: twee uur blokken – korte pauze – twee uur blokken – middagpauze – twee uur blokken – korte pauze – twee uur blokken. Ik vermijd lange pauzes om toch een zekere focus te behouden. Mijn hersenen zijn meestal niets meer waard rond 17u30 – 18u. Ik weet dat ik dan géén  nieuwe info meer in mijn hoofd kan proppen, want dat zal niet lukken.

Tip 4: Herhaal, herhaal, herhaal

De sleutel tot een goed geheugen – of je nu na het volgen van tip 3 ontdekt hebt dat je over schildpadhersenen òf een Einsteinbrein beschikt. Schildpadden en Einsteinen aller lande kunnen allemaal even goed leren om te onthouden. Elke avond zorg ik ervoor dat ik de leerstof die ik die dag geblokt heb herhaal. In het begin gaat dat niet zo vlot – mijn brein is niet veel meer waard vanaf 17u30, remember? Toch zet ik door, omdat ik wéét dat het dan toch beter opgeslagen is in mijn bovenkamer. Ook trek ik vlak voor het examen 1 à 2 dagen uit om de hele cursus te herhalen. Zonder deze laatste herhaalronde zou ik het examen nooit overleven!

Wat ook kan helpen is de hoofdstukken die je die dag geleerd hebt in bed / in de zetel nog eens herlezen. Zelfs als je het gevoel het dat je ogen wel leven maar je eigenlijk niet aan het opletten bent, is je brein toch bezig met het opnieuw verwerken van de leerstof! It’s true.

Tip 5: Let op je voeding

In heel veel artikels staat te lezen dat je veel noten moet eten, of vis, omdat deze de hersenen en het geheugen stimuleren. Kan allemaal goed zijn, maar de blok is sowieso al een moeilijke periode, so eat that crappy food! Alleen: doe het met mate. Als je net de Gouden saté bezocht hebt of de helft van het pizzabuffet bij Pizza Hut hebt verorberd, zal het niet zo makkelijk zijn om je te concentreren . Je maag zit immers vol, en teveel brol boefen vergroot ook de kans dat je een langere periode in het kleinste kamertje moet doorbrengen… Don’t waste valuable time! 😉 Eet dus gerust een pak dinokoeken als je nood hebt aan snelle suikers, of een hamburger als je zin hebt in iets vettigs. Maar weet dat overdaad schaadt! #bondzondernaam

Tip 6: Negeer blokrapporteringen van je medestudenten

Laat je ten slotte niet van de kaart brengen door je medestudenten. Het is niet omdat Kimberly beweert dat ze al twee hoofdstukken verder zit en dat ze dat deel over retorische stijlfiguren suuupergoed kan, dat ze ook effectief een goed examen zal afleggen. En zelfs al is dat wel het geval… denk aan tip 3 en focus op je eigen tempo, niet op dat van Kimberly. De pot op met Kimberly!
Ook omgekeerd: als de primus van de klas gefaald heeft op een mondeling examen en jij daarna aan de beurt bent, moet je de moed niet in je schoenen laten zakken. Jij doet het vast awesome.

Hopelijk helpt deze post jullie om de blok te overleven!
Succes aan alle lotgenootjes! Yes we can! #obamaweetwaarhijhetoverheeft

/Amber

 

 

 

Advertenties

Wat steekt gij uit met die courgette?

Het tweede recept in de serie Wat steekt gij uit met die *groente* is hier! Vandaag wagen we ons aan rauwe courgette. Sommige bronnen op het wereldwijde web vertelden mij dat rauwe courgette giftig is. Gezien mijn huisgenoot en ik niet ziek of dood blijken te zijn na het consumeren van rauwe courgettes, heb ik besloten dat dat lariekoek is.

Lees verder Wat steekt gij uit met die courgette?

Wat steekt gij uit met diene komkommer?

Dat is wat ons moeder zou roepen mocht ze mij stukjes komkommer in de pan zien bonjouren. Geen reden tot paniek, moederlief, warme komkommer is keilekker!

Soms sta ik in de groentenafdeling van de supermarkt en denk ik: “toch jammer dat men geen nieuwe groentjes meer uitvindt. Ik heb degene die hier liggen allemaal al 80 keer gegeten…” Dus besloot ik iets geks te doen met groenten die ik al kende. Et voilà, de serie Wat steekt gij uit met die *groente* was geboren. Mijn brein slaagde er helaas niet in om een hippere naam voor dit concept te vinden. Sorry!

Lees verder Wat steekt gij uit met diene komkommer?

Omeletten en pullovers: Maurice Coffee and Knits

Release your inner granny

De award voor het conceptueel coolste koffiehuis in Vlaanderen gaat voor ons – tot het tegendeel bewezen is – naar Maurice Coffee & Knits. Bij Maurice kan je je inner granny loslaten: koffie drinken, pateekes eten en mutsen breien. Op donderdag vind je in de vestiging in de Boerentoren zelfs échte oma’s die je kunnen helpen met je brei-problemen. Als jouw inner granny niet zo handig is, kan je het breien ook links laten liggen en je focussen op al het lekkers op de menukaart: ontbijt, lunch en gebak. Precies wat Amber en ik deden, dus! We gingen naar Maurice’s recentst geopende filiaal in Berchem om het ontbijt te gaan checken. Lees verder Omeletten en pullovers: Maurice Coffee and Knits

How to survive Werchter

’t Is van da: het festivalseizoen is begonnen!

Voor sommigen onder ons is dit de mooiste tijd van het jaar, terwijl anderen liever hun zuurverdiende centjes sparen voor twee weken Italiaanse zon. Dit jaar besloten wij om onze jaarlijkse citytrip links te laten liggen en te investeren in een combi-ticket voor Rock Werchter. De meesten onder ons kunnen niet wachten om een danske te placeren op de wei, maar dat geldt niet voor Chiara. Zij is dan ook een zogenaamde “Werchtermaagd” en heeft geen idee waar ze zich aan kan verwachten. Niet alleen is Chiara niet vertrouwd met het concept “rondhangen op een wei”, ook is ze een beetje een germ freak. Dit laatste kan behoorlijk problematisch worden, aangezien de gemiddelde festivalganger het niet zo nauw neemt wat betreft basishygiëne… Voor Chiara en alle andere festivalmaagden daarom een aantal praktische tips, oftewel “How to survive Werchter”*

Horrified Kjario
Ter illustratie: Chiara’s gezicht wanneer zij hoort dat ’s nachts gewekt worden omdat er iemand met zijn zatte botten tegen de tent aan het pissen is, niet ongewoon is.

Tip 1: Wees voorbereid op alle weersomstandigheden!

Deze tip vormt de essentie van een geslaagd festivalweekend! Ook al voorspelt Frank een heel weekend hete temperaturen tot 30°C, neem toch maar een regenjas, trui en waterdichte schoenen mee. Het Belgische weer is namelijk niet te vertrouwen, en er is geen grotere mood-killer dan een hele dag uitgeregend rondlopen op een modderige wei. Ook het omgekeerde geldt natuurlijk: neem zonnecrème mee! Een verbrand gezicht mag dan niet opvallen op een wei vol lotgenoten, wanneer je terug thuis komt wil je er niet uitzien als een Werchterkreeft.

Tip 2: Verdeel de last

Je gaat maar één weekend weg en wilt niet op een pakezel lijken (zeker niet op een overvolle trein in de hitte – als Frank’s voorspellingen uitkomen natuurlijk-). Spreek daarom op voorhand goed af wie wàt meesleept! Je hebt geen 5 bussen deo, 20 pakken zakdoekjes en 12 rollen toiletpapier nodig (tenzij de pitta op de wei slecht bekomen is). Maak lijstjes en ga samen met je festivalvrienden winkelen, zo voorkom je een overload aan Aïkinoodles!

Tip 3: Plan hoeveel je wil uitgeven

We moeten eerlijk zijn, voor de prijs die je tegenwoordig betaalt voor een combi-ticket valt er veel meer te ontdekken dan wat gras in een Vlaams-Brabants dorp. Als je dan weet dat de prijzen op de wei ook niet om te lachen zijn, kun je je maar beter voorbereiden.

Bespreek op voorhand hoeveel extra je wil uitgeven tijdens het festival zelf. Je kan er bijvoorbeeld voor kiezen om te ontbijten en lunchen op de camping en enkel ’s avonds iets te kopen op de wei (lees: een stuk pizza en een pintje voor de weerzinwekkende prijs van 10 euro). Raadpleeg op voorhand de festivalwebsite om zeker te zijn van wat je wel en niet mee mag nemen, zodat je weet welke van je levensnoodzakelijke snacks al dan niet binnengesmokkeld kunnen worden. Op het festival zelf is vaak een winkeltje aanwezig, maar ook daar liggen de prijzen meestal hoger dan gemiddeld. Daarom kan het ook nuttig zijn om eens een kijkje te nemen in de buurt. Meestal zijn er wel buurtbewoners die voor een zeer redelijke prijs een spaghetti of croque aanbieden in hun garage (of in hun obscuur tuinkot), en misschien is er wel een (buurt)winkel om de hoek.

Amber en Lynn
Toch geen geld meer over om eten te kopen? Steel een burrito van een vriend, zoals Amber.

Tip 4: Vuil zijn is oké

Voor germ freaks zoals Chiara is het goed om te weten dat het echt wel oké is om na drie of vier festivaldagen rond te lopen met vettig haar en ruftende oksels. Iedereen doet het, dus niemand zal je raar bekijken als ook jij er niet superfris bijloopt. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat je je helemaal moet laten gaan, basishygiëne blijft belangrijk! Poets dus flink je tanden, haal nachtelijke schminkrestanten van je gezicht en vergeet je deodorant niet! Zeker als je een oogje hebt op die mooie jongen van twee tenten verder kan een beetje properheid geen kwaad!

Tip 5: Geniet

Het is niet altijd vanzelfsprekend om ineens constant samen te zijn met een aantal mensen, ook al zijn ze je beste vriend(inn)en. Zeker niet wanneer het pijpenstelen regelt, of als het vechten is voor een plaatsje in de schaduw. Probeer niet te snel geïrriteerd te raken. Je hebt geen honderden euros betaald om een goeie vriendschap te verpesten. Blijven ademen is dus de boodschap! Als je het geklaag van je bff echt niet meer kan aanhoren, zonder je dan gewoon eventjes af. Ga alleen naar een optreden kijken of spreek af met andere vrienden die ook op de wei rondhangen.

Botjes in de wei

Verder: een aantal meeneemmusts!

Washandjes: Voor velen een lang vergeten stuk textiel, maar handig als je geen uren in de rij wilt staan voor de douche. Het zelfde geldt voor ontschminkingsdoekjes en droogshampoo. In het dagelijks leven enkel gebruikt in noodgevallen, op de camping verheven tot een essentie.

Dopjes: Jep, die dingen waarmee je flesjes dicht draait. Wanneer je op de wei een flesje koopt worden de dopjes steevast verwijderd (logica: het moet snel opgedronken worden – 10 minuten later heb je weer dorst en moet je opnieuw een flesje kopen). Zorg dus voor een uitgebreid gamma aan dopjes (om zeker te zijn dat er één past), zodat je je flesje gewoon weg kan steken, en later opnieuw kan vullen. Geniaal!

Folie: Aluminiumfolie kan handig zijn om eten van de camping naar de wei te vervoeren, of eventueel om eten op de wei zelf in te pakken mocht je het niet in één keer op krijgen – iets wat wij ons weliswaar moeilijk kunnen voorstellen.

Deken/oude sjaal: Na dag 2, wanneer er van gras al lang geen sprake meer is, wil je liever niet gewoon tussen het (onidentificeerbare) vuil gaan zitten. Iets om tussen je poep en de drekkige grond te leggen is mogelijk nodig.

Oude gsm/lader op zonne-energie/ powerbank: Een backup voor een platte gsm is altijd een goed idee, zeker in tijden van Instagramverslaving en Snapchatverhalen.

Wc-papier: Deze essential behoeft geen uitleg. Toch?

Ohja, ben jij ook een festivalnewbie en heb je geen idee hoe een wei er bij ligt/ruikt na een drie dagen gefeest? Denk Overpoort op een vrijdagochtend. ; -) Ben jij echter een ervaren weiganger en heb je nog tips die je met de mensheid wil delen? Laat hieronder een berichtje achter!

/Amber

*Deze tips zijn ook toepasbaar op andere festivals!

Picklespotjes pimpen

Al sinds ik een klein Kjaartje was, verzamelde ik de onnozelste dingen. Houten gordijnringen, blikken dozen, dennenappels, schelpen, die kleine glazen bolletjes uit vulpenbuisjes… “Ik ga daar nog iets mee knutselen.” zei ik vol overtuiging tegen de mama en de papa. Jaren later lagen de gedroogde dennenappels nog steeds te schimmelen in een schuif. Oeps.

Lees verder Picklespotjes pimpen

3x heerlijk ontbijten in Berlijn

Als ik wakker word, ben ik altijd een beetje hangry. Ontbijten staat dan ook op de tweede plaats van mijn to-do-lijst. (Op één staat pipi doen.)

Toen ik in april naar Berlijn ging, logeerde ik gelijk nen echten toerist in een Holiday Inn. Om lauwe roereieren en slappe koffie te vermijden, stelde mijn wederhelft voor om buiten het hotel te ontbijten. Enerzijds: Woehoew, boefen! Anderzijds: Euh, wacht. Moet ik dan met een lege maag op een tram kruipen? Paniek!

Paniek voor niets, zo blijkt. Ik heb het immers prima overleefd en drie fan-tas-tische ontbijtplekjes ontdekt. Je wilt weten welke? Dat treft, ze staan hieronder!

1/ Houthakkersontbijt bij Chipps

IMG_1042

Google vertelde mij dat je bij Chipps het lekkerste ontbijt kon krijgen. ’t Zal wel, dacht de Kjario, dat moet ik toch eens gaan verifiëren. En zo geschiedde. Ik ging voor het vettigste, mannelijkste op het menu: The Lumberjack – ofte roerei, vegan spek, spinaziesalade en wentelteefjes. En om alles door te spoelen mijn all time favourite: chai latte. Mmmm!

Was ’t lekker?

Ja! Malse wentelteefjes – ideaal met die ahornsiroop erbij – en fluffy eitjes. Oh boy. Wat mij als plantaardigaard ook aansprak, is dat ze voor alles vegetarische en veganistische alternatieven hebben. Spek, sossissen en melk worden gewoon vervangen door fake bacon, groentenworstjes en sojamelk. Smaakt dat vegan spek dan echt naar spek? Néé. Is dat erg? Vind ik niet.

Ik wil ook nepsossissen en wentelteefjes eten! 

Allright! Bezoek vooral de website van Chipps of ga er gewoon naartoe: Jägerstraße 35, 10117 Berlin-Mitte. Oh, je kan hier overigens ook lunchen en dineren. Je zou hier dus in principe heel de dag kunnen blijven zitten en eten. BEST IDEA EVER.

2/ Eitjes en patatjes bij House of Small Wonder

IMG_1086

Als we bij House of Small Wonder binnenkomen, kan ik bijna niet geloven hoe mooi het inkomhalletje is. Overal plantjes, lampjes, een mooie grote draaitrap. En kolibribehangpapier. Ik herhaal: KOLIBRIBEHANGPAPIER! Ik ben verliefd. Pas daarna besef ik dat er overal mensen op de vensterbanken en op de grond zitten. Vinden ze de inkom ook zo mooi dat ze hier gewoon willen blijven hangen of hoe zit het? De serveerster komt naar beneden gehuppeld en zegt tegen één groepje mensen dat ze naar boven mogen komen. Tegen andere grondzitters zegt ze met een grote glimlach: 20 to 30 minutes. Mijn maag produceert een reeks boze hongergrollen: “20 to 30 minutes, mijn gat. Ga u een afbakcroissant en instantkoffie halen in een krantenwinkel. NU.” Ik negeer de boze maag en wacht geduldig. Ik kan hier niet weg. Ze hebben hier behangpapier met kolibries op.

IMG_1092IMG_1090

En jawel, “20 to 30 minutes” later is ’t van dattum: we installeren ons op een krukje aan een lange tafel en inspecteren de kaart. Mijn wederhelft kiest huisgemaakte granola met Griekse yoghurt en fruitsla. Intussen val ik bijna van m’n kruk en lijkt het roerei met aardappelgratin en Mediterraanse salade nog het enige wat me kan redden van de totale verhongering. Zo’n hipster matcha latte, dat lijkt me ook wel wat. Dus hupsakee!

Was ’t lekker?

Ja! Lekkere combinatie van romig roerei, een fris en knapperig slaatje en stevige gratin. Menukaart met niet-alledaagse opties en allemaal erg veggievriendelijk. Die matcha latte daarentegen, was echt vies. Smaakt een beetje naar hoe een paardenstal ruikt. Vochtig hooi en dampende keutels! NEVER AGAIN.

Ik wil ook een kopje paardenstalwater drinken!

Allez dan. Hier vind je de website van Small House of Wonder. Als je in Berlijn bent, zoek dan volgend adres: Johannisstraße 20, 10117 Berlin.

3/ ALTs en pannenkoeken op de Breakfast Market / Markthalle Neun

IMG_1114IMG_1126

Markthalle Neun staat iedere donderdagavond tjokvol bijzondere streetfoodkraampjes. Elke derde zondag van de maand is er ook een breakfast market – die duurt tot 17u! Groot was mijn vreugde toen ik besefte dat mijn laatste dag in Berlijn toevallig de derde zondag van april was!

Wie niet houdt van keuzes maken zou een bezoek aan de ontbijtmarkt als een marteling kunnen ervaren. Blootgesteld worden aan zoveel huisgemaakte gebakjes, sapjes, smoothies, wafels, fruitsalades, bagels, broodjes, pannenkoeken, croques, donuts en eieren op 2 miljoen verschillende wijzen kan best overdonderend zijn. Het “probleem” is dat alles er vers, lekker en met liefde gemaakt uitziet. Zelfs meer vanzelfsprekende dingen zoals fruit en omeletten stralen een bepaalde bijzonderheid uit. Een mens zou er haast lyrisch van worden. Mijn reisgenoot stelt voor om al het eten te delen… Dubbele proefkansen, hoera!

Was ’t lekker?

JA! We kozen voor een ALT: toast met avocado, sla, zongedroogde tomaatjes en.. een gefrituurd gepocheerd ei – uiterst fascinerend. De mannen van Bone.Berlin stonden aan het kraampje van Deep Fried Kitchen – het kraam alwaar men alles in de frituur smijt. Bij Sun Day Burgers spoelden we ons gefrituurd ontbijt door met sap van spinazie, komkommer, gember en limoen. Fris! Het meest glorieuze ogenblik die zondagochtend was echter het moment dat ik het eerste hapje van een dikke pannenkoek met vegan dulce de leche en bosbessen proefde. Ik heb me toen voorgenomen om voortaan alles met dulce de leche te overgieten. Ik wou dat ik in al mijn enthousiasme niet vergeten was om de naam van het kraampje op te schrijven. Er zit maar één ding op… ik zal terug naar Berlijn moeten. ;- )

Ik wil ook ontbijtkraampjes spotten!

Haal je beste Duits boven en check de website van Markthalle neun om te zien wanneer de marktjes open zijn. Op donderdag is er de gewone streetfood market, elke derde zondag van de maand kan je ontbijten. Adres: Eisenbahnstraße 42/43
10997 Berlin-Kreuzberg.

/Chiara

Over Flaubert’s Carrot

Hej!

AmberenChiara

Amber Verhasselt en Chiara Coen zijn de (wellicht niet zo meesterlijke) breinen achter Flaubert’s Carrot. Op een willekeurige dag in 2016 viel er hen een briljant idee te binnen: misschien moesten ze maar eens een blog beginnen. Net zoals 64 908 andere mensen op deze planeet. Strak plan! Waar gingen ze dan over schrijven? Over lifestyle natuurlijk. Zoals 12 564 anderen. Wederom, topidee!

Oei, wat houdt dat dan in, lifestyle? Gewoon, alle dingen die we graag doen. Boefen, onze nagels lakken, in onze pyjama naar Netflix kijken? Exact.

Flaubert’s Carrot is een blog voor de normale mensen dezer wereld. Voor mensen die graag koken, maar stiekem geregeld een Dr. Oetkertje in de oven schuiven. Voor zij die willen leren hoe je filmsterkrullen in je lokken draait, maar ook soms met een halfoverslapen kop op het werk toestuiken. Voor zij die zelf scrubjes en gezichtsmaskertjes willen brouwen, terwijl ze met 9 mm wintervacht op de benen lopen. Flaubert’s Carrot bundelt leuke zelfmaakideeën, veggie en vegan recepten, reistips, eetsuggesties, boekaanraders, muziekontdekkingen, bjoetie-advies en een heleboel andere dingen waar een doorsnee mens gelukkig van kan worden. Allemaal zelf bedacht, zelf ontdekt, zelf beleefd of zelf gemaakt.

De wortel van Flaubert

Waarom heet deze blog Flaubert’s Carrot?

Amber en Chiara studeerden in een nog-niet-zo-ver verleden samen Engels en Zweeds in Gent. Naast hun liefde voor taart, katten, thee en verkleedfeestjes en een obsessie met andermans’ wenkbrauwen hadden ze nog iets gemeenschappelijk: een afkeer voor nutteloze leesopdrachten – ondanks hun liefde voor literatuur. Julian Barnes’ Flaubert’s Parrot was één van zo’n verplichte loze leesondernemingen. Veel geblader, gezucht en klassikaal gediscussieer later moesten ze besluiten dat ze nog steeds niet wisten waar het over ging. Alvast niet over de papegaai van Flaubert, zo bleek…

Gustave Flaubert liet zich inspireren door een stoffige opgezette papegaai en belandde in het rijtje van canonieke auteurs. Wij laten ons inspireren door alle mooie en leuke dingen in het dagelijkse leven en weten nog niet goed waar we zullen belanden… Bestaat er een lijstje van canonieke bloggers? Hm!

/Amber & Chiara (niet de fotogenieksten der bloggers 😉)

AmberenChiarabrownie